De verloskundige zal proberen met de doptone naar het hartje te luisteren. Het is en blijft heel bijzonder om die allereerste keer de hartslag van je kind te horen. Maar wees niet al te teleurgesteld als je nog niets hoort. Soms is de twaalfde week gewoon nog net iets te vroeg. De volgende keer hoor je het vast en zeker.
In principe blijft je
verloskundige je zwangerschap begeleiden als deze zonder complicaties verloopt. Is er wel kans op complicaties, dan ga je naar de gynaecoloog. Soms is dat al in het begin van de zwangerschap bekend, bijvoorbeeld omdat je suikerziekte hebt of de vorige keer een
keizersnee hebt gehad. Maar het kan ook best zijn dat je later in je zwangerschap wordt doorgestuurd naar de gynaecoloog. Hij of zij bepaalt dan of je onder behandeling van de gynaecoloog blijft of later weer terug kan naar de verloskundige.
Door lichamelijke ongemakken en een veranderde hormoonhuishouding kun je nu heel
anders reageren dan je normaal deed. Misschien barst je zomaar in snikken uit om onbenulligheden of word je snel boos. Je seksleven kan op een behoorlijk laag pitje staan. Troost je: straks, in de vierde maand, trekt je seksleven vast weer bij. Veel vrouwen krijgen juist dan enorm veel zin om te
vrijen.