Urineverlies na de bevalling wordt meestal veroorzaakt door stressincontinentie. De bekkenbodemspier en de kringspier kunnen het niet goed opvangen wanneer de druk in de buik of blaas groter wordt, waardoor je een scheutje urine verliest.
Dat kan bijvoorbeeld gebeuren wanneer je een plotselinge beweging maakt of als je moet hoesten, niezen of lachen. Vrouwen hebben juist tijdens en na de zwangerschap vaak last van stressincontinentie, omdat de bekkenbodemspier en de kringspier van de blaas dan minder goed werken.
Dat gebeurt onder invloed van de zwangerschapshormonen: alle spieren, banden en het kraakbeen in het bekkengebied worden weker, zodat de baby er tijdens de bevalling gemakkelijker door kan. Bij een vaginale bevalling komt er veel druk op de bekkenbodemspier te staan, waardoor deze uitrekt en nog meer aan stevigheid verliest.