Aan het eind van de ontsluiting heb je jezelf nauwelijks of helemaal niet meer in de hand. Dit komt vooral doordat je waarschijnlijk al een enorme persdrang voelt. Die persdrang krijg je, omdat de baby met zijn of haar hoofdje op het onderste stuk van de darmen drukt.
Omdat de baarmoedermond nog iets verder open moet, mag je niet aan deze persdrang toegeven. Als je dat wel zou doen, kan de baarmoedermond wat opgezwollen raken. De ontsluiting zou dan nog langer duren. Doordat je je zo moet inhouden, kun je af en toe echt in paniek raken. ‘wat moet ik doen?’, ‘het lukt me niet’, ‘de baby komt er nooit uit’. Toch komt het er juist nu op aan.
Probeer dus, hoe vreselijk moeilijk dat ook is, je hoofd erbij te houden. Begin elke wee opnieuw van voren af aan. Haal diep adem door je neus en adem kleine pufjes langzaam uit. Concentreer je op je ademhaling. Deze overgangsfase duurt meestal een half uurtje, soms iets langer, maar nooit veel meer. Dus: er komt een eind aan! Je moet er doorheen. Het is een kwestie van volhouden.