Als de baarmoedermond niet verweekt is, zal de gynaecoloog een 'gel' in de vagina aanbrengen, die voor verweking van de baarmoedermond zorgt. Soms moet dit een dag later herhaald worden. Het kan zijn dat de weeën hierdoor spontaan op gang komen, maar vaak moeten ze daarna opgewekt worden met het hormoon oxytocine.
Is de baarmoedermond al wel uit zichzelf verweekt, dan hoeft er geen gel aangebracht te worden. De vliezen kunnen gebroken worden, waardoor de weeën soms vanzelf op gang komen. Gebeurt dit niet, dan krijg je via een infuus het weeënopwekkend hormoon oxytocine toegediend.
De hartslag van de baby wordt via het CTG-apparaat gecontroleerd en er wordt een weeënregistrator in de baarmoeder aangebracht. Verder verloopt de bevalling zoals alle andere bevallingen.